sportdirecteur

Karel begon terug te trainen op de velodroom van Torhout vanaf 1908 en beleefde zijn tweede carriëre als semi-professioneel wielrenner tussen 1909 en 1912. In 1911 gebruikte hij voor het eerst de naam Mac Bolle toen hij zich inschreef voor een baanwedstrijd op de velodroom van Gentbrugge.

mac bolle en de flandriens

Na een aanhoudende vete tussen West- en Oost-Vlaamse wielrenners in het Kampioenschap van Vlaanderen te Koolskamp van 1912 kon Karel hen overtuigen om de krachten te bundelen. Vanaf eind 1913 werd hij onder dezelfde bijnaam Mac Bolle sportdirecteur van een tiental baanwielrenners die hij zou begeleiden naar alle belangrijke zesdaagsen.
Onder de naam Flandriens werd Mac Bolles team bekend en berucht tot in alle West-Europese velodrooms.

In 1920 reisden Karel en zijn Flandriens op uitnodiging van John M. Chapman naar de Verenigde Staten om deel te nemen aan de New York Six Day Race in Madison Square Garden te Manhattan. Ze vertrokken van uit Antwerpen via Southampton naar New York met de schepen van de Red Star Line, een Belgische rederij die gedurende vijftig jaar (1873-1934) meer dan twee en een half miljoen Europese immigranten verscheepte voor een reis naar een nieuw en beter leven.

Toen bij sommige renners het eigenbelang voorging op de belangen van Mac Bolles team, moest Karel in 1923 zijn ploeg ontbinden. De mythe van de Flandrien was echter wel geboren en zou later wielererfgoed worden.


Bondscoach in de Tour

Vanaf 1930 bij de invoering van het landenploegenklassement werd Karel afgevaardigde van de Belgische Wielerbond en ploegleider van de Belgische selectie in de Ronde van Frankrijk.
Met Karel als ploegleider won de Belgische ploeg in 1935, 1936 en 1939 de Ronde van Frankrijk.
Hij werd ook mede-inrichter van de Zesdaagse van Brussel en was gedurende vier jaar scheidsrechter van de Zesdaagse van Antwerpen.


Ronde van Frankrijk 1935 met Romain Maes als eindoverwinnaar

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Karel Van Wijnendaele na de splitsing van de Belgische Wielrijdersbond voorzitter van het sportcomité van de Vlaamse Wieler Unie.
Na de Bevrijding werd hij ten onrechte verdacht van collaboratie, maar er konden hem geen concrete beschuldigingen ten laste gelegd worden. De repressie werd gebruikt om de verloren machtspositie te herwinnen, de KBWB te zuiveren van de Vlaamse Beweging en om persoonlijke rekeningen te vereffenen.
Karel reageerde bovendien nog met een dankbrief van veldmaarschalk Bernard Montgomery om, op gevaar van zijn eigen leven en deportatie naar de concentratiekampen, tijdens de Tweede Wereldoorlog Engelse piloten in zijn huis onderdak te verschaffen en op eigen kosten te repatriëren.

Op 14 november 1948 werd Karel officieel in ere hersteld en gedecoreerd met de eremedaille voor 25 jaar trouwe dienst bij de Belgische Wielerbond, en op 6 april 1952 werd hij in aanwezigheid van Albert de Smaele (directeur van De Standaard), Stijn Streuvels, Tourbaas Goddet en meerdere wielerkampioenen, door minister van Volksgezondheid Alfred De Taeye gedecoreerd met het Ridderkruis van de Leopoldsorde. Later werd hij nog ereburger van Torhout.


Internationale bekendheid

Karel Van Wijnendaele genoot in de wielermiddens tot ver buiten onze landsgrenzen veel aanzien.
In Nederland werd hij enorm gerespecteerd voor zijn bemiddeling bij de toenmalige organisator van de Ronde van Frankrijk, Henri Desgranges, en er voor zorgde dat de Nederlandse nationale ploeg vanaf 1936 startrecht verkreeg.
Hij werd regelmatig bij de Nederlandse pers en radio uitgenodigd voor interviews en debatten over het internationale wielrennen.

In 1951 verklaarde Goddet, de opvolger van Desgrange, in een artikel in het Nieuwsblad dat Karel door zijn raadgevingen en invloed beschouwd werd als een van de uitbouwers van de grootheid van de Ronde van Frankrijk. Toen op 6 juli van datzelfde jaar de derde rit van de Ronde van Frankrijk startte aan het Sint-Pietersstation te Gent werd de koers uit eerbetoon voor Karel op gang gevlagd aan zijn Villa Sportwereld in de Neerstraat (nu Kortrijksesteenweg) te Sint-Martens-Latem.